Bladzijde 45: Lees alles over de Dinges van Schreyenrode!

In Donald Duck 26 - 2017 lees je het spannende avontuur 'Het mysterie van Schreyenrode'. Kwik, Kwek en Kwak komen in dit verhaal terecht in de 'Zaal der Onopgeloste Vraagstukken'. In die zaal staat ook de Dinges... Kijk maar eens mee!

Kijk daar! In de linkerhoek, helemaal beneden. Zie je 'm? Dat is de Dinges! Laten we dit bijzonder vreemde 'dier' even van wat dichterbij bekijken.

In Donald Duck Weekblad werd beloofd dat je hier op deze pagina ALLES over de Dinges zou kunnen lezen. Maar waar halen we die informatie vandaan? HELP!

Dat is inderdaad een uitstekend idee, Kwek! Vraag het aan de Willie-Vision™!
Die zegt over de Dinges het volgende:

Naam:
Dinges
Volledige naam:
Dinges Waarommus
Klasse:
Pijlstaartigen
Habitat:
Oost-Warhbenknouwehr

Uiterlijk:

De dinges was een merkwaardig diertje dat over zijn hele lijf bedekt was met stugge, krullende veren. De Dinges had twee koddige oortjes, grote ronde ogen, een stevige snavel, twee vleugels en een pijlvormige staart.

Eigenschappen:
De Dinges was een merkwaardig dier dat vermoedelijk tot einde 18e eeuw voortkwam op het platteland van Oost-Wahrbenknouwehr. Zijn opmerkelijke pijlvormige staart was voor de Dinges uiterst belangrijk. Het hielp hem namelijk zijn lievelingskostje te vinden: regenwormen. Ook zijn dottige, hypergevoelige oortjes hielpen hem hierbij. Door deze hypergevoelige oren kon de Dinges het zelfs horen waaien op de maan. Dit is soms een last voor het diertje, vooral als er een sabeltandtijger langs stampte.

Voedsel

Zodra de Dinges hongerig werd, werd hij 'tureluurs'. Hij kreeg een afwezige blik in de ogen en zijn puntvormige, rode tong hing ver uit zijn snavel met een afbuiging van 30 graden naar de linkerkant.

Was de Dinges eenmaal tureluurs, dan ging hij zo spoedig mogelijk op zoek naar eten. Dit werkte als volgt*: de Dinges liep snuivend en kuchend door het gras. Met zijn gevoelige oren luisterde de Dinges of hij nog regenwormen hoorde ademen. Regenwormen staan namelijk bekend om hun raspende ademhaling. Zodra de aanwezigheid van een regenworm opgemerkt was, wees de pijl aan de staart van de Dinges naar de exacte plek waar de regenworm zich bevond.

Met zijn grove, harkvormige pootjes begon de Dinges daarna in hoog tempo te graven, net zo lang tot hij zijn worm gevonden had. Een Dinges at gemiddeld 15,4 wormen per dag.

*Dit proces is veelvuldig bestudeerd door Ronk McSaaius, hoogleraar Pijlstaartigenwetenschap aan de Futiliteitenacademie.

Mannelijke en vrouwelijke Dinges
Een mannelijke Dinges was grijspaarsachtig van kleur, met zwarte strepen in de nek en een lichtrode tong. De vrouwelijke variant van de Dinges zag er wat eh... bijzonderder uit. De vrouwelijke Dinges was felgeel van kleur met oranje stippen en een feloranje tong. Omdat ze zo opvallend was, en ze niet altijd gestoord wilde worden, bekwaamde de vrouwelijke Dinges zich in het verstoppen. Daar werd zij in de loop der tijd steeds beter in. Tot ze uiteindelijk niet meer door de mannelijke Dinges te vinden was. Eind 18e eeuw zijn ze uitgestorven.


Afmetingen:
Een volwassen Dinges werd ongeveer 40 centimeter hoog. Dit was inclusief omhoog staande kopveertjes.