De eerste keer dat we Sinterklaas in de Nederlandse Donald Duck zien is op de voorplaat van nummer 49 van 1953. De verhalen die op dat moment in het weekblad staan komen allemaal uit Amerika, waar het sinterklaasfeest niet wordt gevierd. Maar de Nederlandse Hongaar Endre Lukacs heeft op dat moment al een aantal voorplaten geïllustreerd.

Twee jaar later zien we Sinterklaas opnieuw op de voorplaat staan. Ditmaal moet de grote Boze Wolf in de zak mee naar Spanje. Donald en zijn neefjes, die natuurlijk wel braaf zijn geweest, krijgen op de achtergrond een cadeau van Sinterklaas.

Vanaf dat moment keert het sinterklaasfeest regelmatig terug op de voorplaat. Het duurt tot 1979 tot Sinterklaas ook daadwerkelijk in een verhaal optreedt. Wolfje gaat bij de biggetjes Sinterklaas vieren. Midas ziet zijn kans schoon om Knir, Knar en Knor te vangen en vermomt zich als de goedheiligman. De biggetjes, die kennelijk stout zijn geweest, moeten mee in de zak. Maar natuurlijk niet naar Spanje, maar naar Midas' kookpot! Gelukkig weet meneer Beer een stokje voor dit snode plan te steken. Terwijl meneer Beer de valse Sinterklaas met zijn knuppel verjaagt, gooien de echte Sint en Piet cadeautjes door de schoorsteen van de biggetjes.

Maar ook andere schurken gebruiken Sint en Piet als vermomming voor hun snode plannetjes. In Donald Duck 48 van 1984 verkleden de Zware Jongens zich als Sint en zijn Pieten om het geldpakhuis binnen te komen. Oom Dagobert trapt er niet in, maar wanneer daarna de echte Sint en Piet klem zitten in zijn schoorsteen, vertrouwt hij het ook niet en sluit hij ze op. Het lijkt er even op dat Duckstad een Sintloos heerlijk avondje zal hebben, maar uiteindelijk komt alles goed.

In 1991 loopt iedereen in Duckstad te knorrepotten. Kwik, Kwek en Kwak vragen Sinterklaas om een humeurverbeteraar, maar de Sint is behoorlijk verstrooid. Alle cadeautjes worden verkeerd bezorgd, waardoor de inwoners van Duckstad worden gedwongen zelf de cadeautjes bij de rechtmatige eigenaar te bezorgen. Al met al zorgt dit voor een grote verbroedering en de opzet van Sinterklaas, die zijn verstrooidheid speelde, is geslaagd!

Sinterklaas is ook maar eens mens, dus ook hij is wel eens ziek. In 1994 struikelt Sint op de loopplank over een pepernootje en kukelt hij pardoes het water in. Een flinke verkoudheid valt hem ten deel en het is Donald die als hulp-Sinterklaas de pakjes mag gaan rondbrengen.

In 1995 komt Zwarte Magica achter het geheim van Sinterklaas. Het is namelijk zijn staf die hem onsterfelijk maakt en die ervoor zorgt dat hij naar de daken van huizen kan zweven. Magica steelt de staf om hem aan een betoverde oom Dagobert te verkopen in ruil voor – je raadt het misschien al – het geluksdubbeltje.

Dagobert Duck en Govert Goudglans schrikken zich in 1996 een hoedje. Want niet zij, maar Sinterklaas is de rijkste man ter wereld! Wie deelt immers al eeuwen cadeautjes uit zonder failliet te gaan? Al gauw komt de aap uit de mouw… Sinterklaas mag in alle speelgoedwinkels met chocolademunten betalen!

Zoals je weet, onthoudt Sinterklaas alles. In 2003 krijgt Gijs Gans op de cover van Donald Duck 48 van Sinterklaas een hometrainer. Maar denk je dat oma's luie hulpje het apparaat heeft gebruikt? Welnee! Het ding heeft flink staan te verstoffen. Maar Sint heeft wel gelijk een mooi cadeautje voor 2004: op de voorplaat van nummer 49 van dat jaar krijgt Gijs namelijk een plumeau!

En wat gebeurde er nog meer? De Zware Jongens gaan met het grote boek aan de haal (1999), Sinterklaas krijgt te maken met een snoepspook (2005), een walvis zwiept de pakjesboot omver (2008), alle pakjes worden gestolen (2009). Kortom, er is altijd wel iets aan de hand wanneer Sinterklaas Duckstad bezoekt. Maar dat houdt de goedheiligman gelukkig niet tegen!

Oh ja, Sinterklaas komt overal. Dus ook in Puindorp. Al kan dat soms voor praktische problemen zorgen (2007).