leaderboard
20
Donald en Bolderbast maken ruzie. "Ik sta morgen heel vroeg op en dan schrijf ik EZEL op je deur!" roept Bolderbast. Zegt Donald: "Dan sta ik nog vroeger op om het weg te vegen!"
19
Niets, Niemand en Iemand zitten in een boom. Plotseling valt Niemand uit de boom. Niets zegt tegen Iemand: "Bel de brandweer!" Iemand belt en vraagt: "Spreek ik met de brandweer? Ik ben Iemand en ik bel voor Niets want Niemand is uit de boom gevallen!"
18
Rutger en zijn moeder lopen door de dierentuin. Rutger heeft nog nooit een pauw gezien. Als ze langs het hok met de pauwen lopen, roept hij: "kijk mam, die kip staat in bloei!"
17
Een oen maakt z'n eerste zeereis. De kapitein vraagt bij aankomst of alles naar wens is geweest. "Fantastisch!" zegt de oen. "En vooral die wasmachines in de muur vond ik erg handig. Wat daar allemaal niet in gaat..."
16
Twee katten lopen door de woestijn. Zegt de ene kat tegen de ander: "Wat een grote kattenbak hè?"
15
Welke boom laat iedereen schrikken? Antwoord: bamBOE!
14
Twee vissen zwemmen in een riviertje. Dan begint het te regenen. Zegt de ene vis tegen de andere: "Kom, laten we onder die brug gaan schuilen. Dan worden we niet zo nat."
13
Waarom heeft een giraf zo’n lange nek? Omdat zijn hoofd zo hoog zit.
12
Vraag: Waarom staat er op de kerktoren een haan? Antwoord: Als er een kip op zou staan, dan zouden de eieren naar beneden vallen!
11
Een man is zo rijk dat hij wel drie zwembaden in zijn tuin heeft. Een met koud water, een met warm water en een met niks erin. Waarom niet? Omdat hij een paar vrienden heeft die niet kunnen zwemmen.
10
Jantje tegen Marietje: "Mijn oma is net een dagblad." Marietje: "Hoezo? Vertelt ze zoveel nieuwtjes dan?" Jantje: "Nee, maar ze verschijnt dagelijks."
9
Goofy komt bij de dokter en zegt: "Ik kan 's avonds niet slapen. Wat kan ik doen?" "Neem elke avond een glas warme melk en een warm bad." Een dag later is Goofy weer terug: "Dokter, het glas melk was geen probleem, maar het warme bad kreeg ik echt niet op."
8
Een boer komt bij een andere boer op het erf. Hij zegt: "Hé! Rookt jouw paard?" "Nou, voor zo ver ik weet niet." "Oh, dan staat je schuur in brand."
7
Het is groen, gezond en geheim? Spionazie.
6
"Ik heb iets uitgevonden wat veel stroom bespaart," zegt Goofy. "Wat dan?" zegt Mickey. "Een zaklamp die op zonne-energie werkt!"
5
Jantje is op ziekenbezoek bij de juf. Zijn vriendjes wachten buiten vol spanning tot hij terugkomt. Hij komt somber naar buiten en zegt: "Het ziet er niet best uit. Ik denk dat ze morgen weer les kan geven!"
4
Er komen een Belg, een Duitser en een Nederlander een café binnen. Vraagt de man achter de bar: "Is dit een grap?"
3
Er lopen twee paraplu's over straat. Ze komen twee wandelstokken tegen. Zegt de ene plu tegen de andere: "Kijk, daar heb je twee naaktlopers!"
2
Twee moeders over de toekomst van hun kinderen: "Ik sta erop dat mijn dochter haar academische studie voltooit. Dan heeft ze later altijd iets om aan te denken tijdens de afwas".
1
Wat doen twee vampiers nadat ze zijn getrouwd? Die gaan op gruwelijksreis.
52
Wat is héél groot, maar weegt helemaal niks? Antwoord: de schaduw van een olifant.
51
Een moeder is met zes kinderen in een warenhuis. De liftjongen vraagt haar naar welke afdeling ze wil. "De kinderafdeling," zegt de moeder. Roept een van de kleintjes: "Maar mam, we zijn al met z'n zessen!"
50
Er woont een oma in de straat die iedere dag nootjes uitdeelt aan kinderen. Op een dag vraagt een kind: "Eet u die nootjes zelf niet?" "Nee," zegt oma, "ik vind ze te hard." Vraagt het kind: "Maar waarom koopt u ze dan?" Oma: "Ik vind de chocola eromheen zo lekker."
49
Twee mannen zitten in een café. De ene kijkt de andere onderzoekend aan en zegt: "Weet je, je lijkt veel op mijn vrouw. Op die snor na lijk je wel haar evenbeeld." Zegt die andere man: "Maar ik héb helemaal geen snor!" "Nee, jij niet, maar mijn vrouw wel!"
48
Mijn hond heeft geen neus, hoe ruikt hij dan? Antwoord: Naar hond.
47
Een oen is het dak van zijn huis aan het verven. Iemand komt voorbij en zegt: "Waarom ga je steeds naar beneden om je kwast in de verf te dopen?" De oen: "Ik verf mijn dak met grondverf!"
46
Twee vogels zijn in gesprek: "Wat is er, je kijkt zo bedroefd?" "Vind je het gek, mijn vrouw zit in de nesten!"
45
Hoe kan je een oen eindeloos bezighouden? Je moet hem in een ronde kamer laten en zeggen: "In de hoek ligt een reep chocolade!"
44
Mevrouw de Bok woont naast een bijenhouder. Op een dag belt ze bij hem aan en zegt boos: "Eén van uw bijen heeft mij gestoken." Waarop de bijenhouder geruststellend lacht en zegt: "Wijst u maar aan welke, mevrouw, dan zal ik hem straffen."
43
Het is worst en als je de "er" weghaalt is het óók worst. Antwoord: rookworst
42
Een man komt bij de tandarts. De tandarts kijkt in zijn mond en zegt: "Dat is een groot gat, dat is een groot gat, dat is een groot gat!" Man: "Waarom zegt u dat drie keer?" Tandarts: "Dat doe IK niet, dat is mijn echo!"
41
Op een dag komt kleine Anna thuis met vieze kleren. Haar moeder zegt: "Anna! Je lijkt wel een biggetje!" Anna: "Mam, wat is eigenlijk een biggetje?" Moeder: "Een kind van een varken, lieverd."
40
Een jongetje heeft altijd thuis les gehad, maar nu gaat hij voor het eerst naar school. Zijn moeder heeft gezegd dat hij niet mag zeggen hoe rijk ze zijn. Op school moet iedereen een opstel schrijven over hoe het bij hen thuis is. Het jongetje schrijft: "Wij zijn arm, onze tuinman is arm en onze chauffeur van onze limousine is ook arm."
39
Het is groen, hangt aan een boom en denkt: ik ben een appel, ik ben een appel. Wat is dat? Een melig peertje.
38
Een olifant in de dierentuin staat al een tijdje naar een zebra te kijken. Dan zucht hij: "Modeontwerpers hebben gelijk, strepen maken slank!"
37
Waarom zijn vissen slim? Antwoord: omdat ze in een school zwemmen.
36
Leentje, drie jaar oud, komt thuis van de kleuterschool. "Mama, mama, ik kan op mijn vingers tellen!" "Echt? Laat eens horen dan!" zegt de moeder trots. "Kijk: één vinger, één vinger, één vinger, één vinger en nóg één vinger!"
35
Een haan en een kip staan voor een winkel. Ze bekijken de eierdopjes in de etalage. "Hier gaan we even naar binnen," zegt de kip, "ze verkopen hier zulke mooie wiegjes!"
34
Een man ligt op de stoel bij de tandarts. De tandarts kijkt in zijn mond en ziet een enorme rotte kies. De tandarts zegt: "Wat een gat, wat een gat, wat een gat." De patiënt vraagt: "Waarom zegt u dat nou drie keer?" Zegt de tandarts: "Dat deed ik niet. Dat was de echo."
33
Een man komt een kledingwinkel binnen en zegt: "Ik wil een trui." Zegt de verkoper: "Lang of kort?" Man: "Hoezo, lang of kort? Ik wil hem niet huren maar kopen!"
32
"Zeg Hans, ik heb gehoord dat je iedere dag aan gymnastiek doet. Kun je al met gestrekte armen je tenen raken?" vraagt Piet aan zijn vriend. "Nee, maar ik zie ze nu wel."
31
Vraagt de ene kikker aan de andere: "Waarom willen jullie geen kinderen?" Zegt de andere kikker: "Mijn vrouw is bang voor de ooievaar!"
30
Mevrouw in een restaurant: "Ober, er zit een worm in mijn salade. Die had u moeten wassen." Ober: "Maar mevrouw, wie wast er nu een worm?"
29
Vraag: Wat is het toppunt van verspilling? Antwoord: Een kleurenfoto maken van een zebra.
28
Een jonge arbeider stapt met knikkende knieën het kantoor van de directeur binnen: "Baas, zou ik alstublieft, indien het m-mogelijk is, v-vrijdag vrij kunnen krijgen?" "WAT? WAAROM?" brult de baas. "Euh... wel... ik t-trouw vrijdag... en... mijn v-vrouw zou het l-leuk vinden als ik erbij kon zijn."
27
Een zangeres tegen een vriendin: "Ik heb gisteravond mooi gezongen, hé?" Vriendin: "Jazeker. De zaal zat bomvol. Op een gegeven moment zag ik zelfs mensen weggaan om ruimte te maken!"
26
Een man in een restaurant heeft een klacht: "Mijn melk is te waterig." Zegt de ober: "Misschien heeft de koe te lang in de regen gestaan, meneer."
25
Huubje: "Mam, ik heb goed nieuws en slecht nieuws." Moeder: "Vertel me eerst het goede nieuws maar." Huubje: "De school is afgebrand!" Moeder: "En het slechte nieuws?" Huubje: "De rapporten zijn bewaard gebleven!"
24
Op een grote zandvlakte staat één boom. In die boom zit een aapje. Eronder loopt een tijger die het aapje op wil eten. Hoe komt het aapje eruit? Als zo'n grote aap als jij het niet weet, hoe weet zo'n kleintje het dan!
23
"Ober, er drijft een vlieg in mijn soep." "Dat geeft niet hoor, dit soort drinkt niet zo veel."